* wat je niet
gebruikt slijt niet…*
In een zeer ver
verleden was daar de zwemles en de gymles. Ik deed zelfs mee met de
zwemvierdaagse en zat ook op klassiek ballet. Nergens blonk ik echt in uit,
maar ik deed het wel allemaal en meestal vond ik het erg leuk. Verder was ik
een fervent skiër en fietste ik regelmatig in zo’n 40 minuten naar de
middelbare school.
Na mijn
studententijd bleef alleen het skiën over, slechts 1 week per jaar. Toen ik na
een skiongeluk zelfs daar niet meer aan mee kon doen, hield ik het toch al niet
meer zo fanatieke gesport voor gezien.
Dit duurde zeker een jaar of 2 en ik huldigde met volle energie het standpunt “wat je niet gebruikt slijt niet!”
Dit duurde zeker een jaar of 2 en ik huldigde met volle energie het standpunt “wat je niet gebruikt slijt niet!”
Een fikse sportloze
periode later vond ik het weer tijd om eens iets te gaan doen. Nu niet meer
zozeer voor de lol maar als noodzakelijk kwaad!
Ik schreef mij in op een sportschool in de buurt en eenmaal per week bewandelde ik een circuit van indrukwekkende apparaten en machines, waarvan ik de meeste namen al weer vergeten ben. (lees: "verdrongen heb")
Ik schreef mij in op een sportschool in de buurt en eenmaal per week bewandelde ik een circuit van indrukwekkende apparaten en machines, waarvan ik de meeste namen al weer vergeten ben. (lees: "verdrongen heb")
Mijn leven ging
zo z’n gangetje, evenals mijn wekelijkse gangetje naar de sportschool. Toen zeer
onverwacht mijn wereld 180 graden draaide en ik mijn plannen voor de toekomst ingrijpend
moest bijstellen, verhuisde ik en stopte ik met het sporten. Ik gaf mij niet
meer op bij een sportschool in de buurt, want mijn prioriteiten lagen ergens
anders.
